Interview: Zo bijzonder is een heiligverklaring

17 oktober 2018

Vicaris-pastoor Paul Verbeek was op 14 oktober in Rome bij de heiligverklaring van paus Paulus VI en mgr. Oscar Romero.

Hoe bijzonder is het om een heiligverklaring mee te maken?
Telkens is dat weer heel bijzonder. Ik was bij de heiligverklaring van pater Damiaan in 2009 en in 2014 bij de heiligverklaring van paus Johannes Paulus II en paus Johannes XXIII. Bij paus Johannes Paulus II was ik ook bij zijn zaligverklaring in 2011. Overal waren mensen verzameld. Alle pleinen waren vol. Ook bij de heiligverklaring waren er op de vooravond al duizenden mensen op straat, die daar overnachtten. De pizza’s werden over de hoofden heen doorgegeven.

Als een persoon die je raakt zalig of heilig wordt verklaard is dat heel bijzonder. Dat geeft een innerlijke blijheid. Je kunt je verbonden voelen met een heilige. Het is het gevoel één familie te zijn. Over de dood heen. Toen zuster Marie Adolphine in 2000 heilig werd verklaard was ik in Assisi bij een expositie rond haar en haar medezusters martelaressen. Dat voelde heel sterk als één van ons. Tegelijkertijd besefte ik dat ze onderdeel van de Wereldkerk was en voortaan haar verhaal en dat van haar medezusters in de hele wereld doorverteld zou worden in allerlei talen. Dat is de ‘bonus’ die alle heiligen krijgen door hun heiligverklaring. Daardoor kunnen ze tochtgenoot worden van steeds weer nieuwe mensen.

Wat is bijzonder aan paus Paulus VI?
Ik ken hem als de paus van mijn jeugd, die ik op tv zag met Kerstmis en Pasen. Hij stierf in de grote vakantie en ik heb alle krantenartikelen van zijn overlijden, de pauskeuze van Johannes Paulus I en Johannes Paulus II nauwgezet bijgehouden. Ik heb ze nog in plakboeken. Van Paulus VI is onder meer de sociale encycliek Populorum progressio. Bij zijn aantreden stond hij voor de enorme taak om het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) op een goede manier af te ronden. En hij is natuurlijk de paus die is gaan reizen. Hij was de eerste paus die de vijf continenten bezocht en daar de mensen ontmoette.

Wat is bijzonder aan mgr. Oscar Romero?
Hij was mijn reden om naar deze heiligverklaring op 14 oktober te gaan. Mgr. Romero werd op 24 maart 1980 vermoord tijdens het vieren van de eucharistie. Onvoorstelbaar. Kort daarvoor had hij een eredoctoraat aan de KU Leuven gekregen, waarbij hij zei dat ze hem wel konden doden, maar niet de stem die roept om gerechtigheid voor het volk. Zijn uitvaart kon niet rustig plaatsvinden vanwege schietpartijen. De vertegenwoordigers van het Vaticaan moesten zich in veiligheid brengen. Als bisschop was Mgr. Romero bij zijn aantreden eerst een voorzichtig man. Dat bleef hij ook toen zijn priesters die in de sloppenwijken werkten hem de ogen probeerden te openen. Tot in 1977 priester Rutilo Grande sj werd vermoord en als grof vuil aan de kant van de weg werd achtergelaten. Mgr. Romero kondigde nationale rouw af en opende daardoor de ogen van de wereld op wat er in San Salvador aan de hand was.

(Foto: Ramon Mangold)

Wat wordt nu anders na hun heiligverklaring?
Een heiligverklaring is een bekroning en een niet te vatten erkenning van hoe bijzondere voorsprekers zij kunnen zijn voor ons bij God. Hun leven is een voorbeeld voor ons. De heiligen zijn als mozaïeksteentjes, die samen het licht van God op laten lichten. Samen tonen ze een deel van het lichaam van Christus. Ik vind het belangrijk om de plaatsen te bezoeken die met de heiligen verbonden zijn. Daar krijg ik een bepaalde rust. In Leuven bid ik bijvoorbeeld bij het graf van pater Damiaan. In Assisi en omgeving ervaar ik dat sterk vanwege de heilige Franciscus. En als ik in Rome ben moet ik bij het graf van Johannes Paulus II en Johannes XXIII gebeden hebben. Beide pausen zijn ook een paar keer in Assisi geweest. Het zijn een soort vrienden van vrienden. De heiligen die mij wat zeggen hebben ook wat met elkaar op.

Is er voor jou verschil tussen hele oude heiligen en meer recente heiligen?
Vanaf het moment dat ik op de basisschool mijn eerste boekje over Franciscus las, werd hij mijn tochtgenoot. Dat is een andere beleving dan bewust het overlijden van iemand meemaken en later een heiligverklaring. Maar als het gaat om de verbondenheid is er geen verschil.

Een heilige hoeft niet perfect te zijn, zegt de paus in Gaudete et exsultate: “Niet alles wat een heilige zegt, is volledig trouw aan het evangelie, niet alles wat hij zegt is authentiek en volmaakt” (22).
Ik ben het daar helemaal mee eens. Als iemand sterft kun je zeggen: hij verhuist naar het hart van degenen die achter blijven en die van hem blijven houden. Degene die sterft gaat naar God geloof ik ook. Niet alles in het leven van de persoon van wie je houdt en die bij God is, was volmaakt. Het gaat om de liefde van waaruit iemand heeft geleefd. De liefde die van God afkomstig is en die alles overwint. In de jonge Kerk waren de brieven van de apostel Paulus gericht aan “de heiligen”. Die mensen waren lang niet allemaal perfect. Het is de liefde die zorgt dat je gekoesterd blijft door degenen die achter blijven. Dat je verhuist naar hun hart. Een heiligverklaring zou je kunnen zeggen, is een verhuizing naar het hart van de Kerk. En dat is iets om blij van te worden.

Dit is een voorpublicatie uit het eerstvolgende Bisdom Magazine. Dit gaat over de roeping tot heiligheid en wordt gemaakt in het verlengde van de exhortatie van paus Franciscus ‘Gaudete et exsultate’ (2018).

 

Andere berichten